24 mei

Onweer in mei, is vruchtbaar getij. 2. Is het koel maar niet te nat in mei, dan is het hooiboerke blij. 3. Meiregen, geldregen. 4. Het weer wat koel en ‘n buitje erbij, dat maakt in de mei de landman blij. Maandspreuken mei: 5. Ik zing van beekjes, van bloesems, vogels en prieeltjes. Van april,… Lees verder 24 mei

23 mei

Bomen moeten op 23 Mei gepoot worden. Meiregen doet groeien. 2. Meiregen genoeg en ’t weer is mooi, dan ’t hele jaar lang brood en hooi. 3. Mei koel en nat, vult zak en vat. 4. April klaar en rein, mei zal des te wilder zijn. Maandspreuken mei: 5. Mei was nu begonnen, maar hier… Lees verder 23 mei

22 mei

Meiregen op het zand, is goud op de plant. Maandspreuken mei: 2. Oh! Graag heten wij u welkom, mooie aangename maand mei. De maand waar we zo naar hebben uitgekeken om menig winterse dag door te komen. 3. Warme, wilde, regenachtige wind, onrustig waaiend, dromerige branding op de sluimerende meizee. Wat zal u niet antwoorden?… Lees verder 22 mei

20 mei

Is het koud en bloeit de meidoorn, veel van haar pracht gaat verloor’n. 2. Meimaand trekt men schapen door de vaart, dan blijven ze voor schurft bewaard. 3. Meiregen, meizegen. 4. Een frisse winderige mei, maakt het jaar vruchtbaar. 5. Donder in de mei, en april is weer voorbij. Maandspreuken mei: 6. Veel mensen worden… Lees verder 20 mei

19 mei

Een bijenzwerm in mei, is een goed teken voor de wei. 2. Heden schupjes (spades), morgen drupjes. 3. Als het regent in mei, is april voorbij. 4. Donder in mei, klaver in de wei (klavertrom). Maandspreuken mei: 5. Mooie bloemen ontluiken onder uw geniale straal, en duizend gelukkige vogels zingen, allemaal welkom bij u, mei!… Lees verder 19 mei

17 mei

De mei tot juichmaand uitverkoren, heeft toch de rijp achter de oren. 2. Zoele mei, boeren geschrei. 3. April mooi en rein, in mei zal ’t donker zijn. 4. Het onweer in de schone mei, doet het koren bloeien op de hei. 5. Waait de bloem in mei  over het veld, een rijke oogst wordt… Lees verder 17 mei

18 mei

Kamillegeur in mei, brengt de zomer dichterbij. 2. Is het weer in mei te mooi, dan krijgt de schuur maar weinig hooi. 3. Als de meie zal dauw verspreiden, zult ge hebben groene weiden. 4. IJs in mei, nutteloos getij. 5. Is het koel in mei maar niet te nat, goed teken voor de wei… Lees verder 18 mei

16 mei

Een bijenzwerm in mei maakt de hooiboer blij. 2. Meiregen op het zaad, is goud op de plaat. 3. Verschaft april mooie dagen, dan pleegt de mei de last te dragen. 4. Koele mei schenkt een vruchtbaar jaar, droge mei een duur jaar. 5. Pancraas, Servaas en Bonifaas, ze komen met de koude blaas; maar… Lees verder 16 mei

15 mei

April moet moet mei de aren leveren. 2. Regen in april en wind in mei, maakt de boeren blij. 3. Avonddauw en koelte in mei brengen veel wijn en veel hooi. 4. Koude mei, gouden mei. 5. Komen er veel koude dagen, het gras zal in mei zaden dragen.     Mei spreuken vandaag: 6.… Lees verder 15 mei

14 mei

IJsheiligen (11-14 mei) hebben harde (koude) koppen. 2. Tot Bonifaas (14 mei), die strenge baas, wees voor de vrucht, op vorst beducht. 3. St. Bonifaas (14 mei) geeft, let op, de laatste zak de vriesman op. 4. Voor nachtvorst is men niet beschermd, tot Sint Bonfaas (14 mei) zich over ons ontfermt. 5. Van nachtvorst… Lees verder 14 mei