20 mei

Is het koud en bloeit de meidoorn, veel van haar pracht gaat verloor’n. 2. Meimaand trekt men schapen door de vaart, dan blijven ze voor schurft bewaard. 3. Meiregen, meizegen. 4. Een frisse winderige mei, maakt het jaar vruchtbaar. 5. Donder in de mei, en april is weer voorbij. Maandspreuken mei: 6. Veel mensen worden… Lees verder 20 mei

19 mei

Een bijenzwerm in mei, is een goed teken voor de wei. 2. Heden schupjes (spades), morgen drupjes. 3. Als het regent in mei, is april voorbij. 4. Donder in mei, klaver in de wei (klavertrom). Maandspreuken mei: 5. Mooie bloemen ontluiken onder uw geniale straal, en duizend gelukkige vogels zingen, allemaal welkom bij u, mei!… Lees verder 19 mei

17 mei

De mei tot juichmaand uitverkoren, heeft toch de rijp achter de oren. 2. Zoele mei, boeren geschrei. 3. April mooi en rein, in mei zal ’t donker zijn. 4. Het onweer in de schone mei, doet het koren bloeien op de hei. 5. Waait de bloem in mei  over het veld, een rijke oogst wordt… Lees verder 17 mei

18 mei

Kamillegeur in mei, brengt de zomer dichterbij. 2. Is het weer in mei te mooi, dan krijgt de schuur maar weinig hooi. 3. Als de meie zal dauw verspreiden, zult ge hebben groene weiden. 4. IJs in mei, nutteloos getij. 5. Is het koel in mei maar niet te nat, goed teken voor de wei… Lees verder 18 mei

16 mei

Een bijenzwerm in mei maakt de hooiboer blij. 2. Meiregen op het zaad, is goud op de plaat. 3. Verschaft april mooie dagen, dan pleegt de mei de last te dragen. 4. Koele mei schenkt een vruchtbaar jaar, droge mei een duur jaar. 5. Pancraas, Servaas en Bonifaas, ze komen met de koude blaas; maar… Lees verder 16 mei

15 mei

April moet moet mei de aren leveren. 2. Regen in april en wind in mei, maakt de boeren blij. 3. Avonddauw en koelte in mei brengen veel wijn en veel hooi. 4. Koude mei, gouden mei. 5. Komen er veel koude dagen, het gras zal in mei zaden dragen.     Mei spreuken vandaag: 6.… Lees verder 15 mei

14 mei

IJsheiligen (11-14 mei) hebben harde (koude) koppen. 2. Tot Bonifaas (14 mei), die strenge baas, wees voor de vrucht, op vorst beducht. 3. St. Bonifaas (14 mei) geeft, let op, de laatste zak de vriesman op. 4. Voor nachtvorst is men niet beschermd, tot Sint Bonfaas (14 mei) zich over ons ontfermt. 5. Van nachtvorst… Lees verder 14 mei

13 mei

 Is er met St. Servaas (13 mei) geen rijm te zien, dan zal Bonifaas (14 mei) geen sneeuw ons biên. 2. Servaas (13 mei) moet verlopen zijn, voor de nachtvorst goed wel verdwijnt. 3. Pancraas (12 mei), Servaas (13 mei) en Bonifaas (14 mei), geven ijs en vorst helaas. 4. Voor de nachtvorst zijt ge… Lees verder 13 mei

12 mei

Regen en wind in het midden van mei, maakt de boeren vast niet blij. 2. Mist in maart, is water of vorst in mei. 3. Donder in mei, zingt de boer jochei. 4. Het kan vriezen tot in mei, tot de IJsheiligen zijn voorbij, Mamertus (11 mei) en Pancraas (12 mei), Servatius (13 mei) en… Lees verder 12 mei

11 mei

Kan vriezen in mei tot de IJsheiligen (11-14 mei) zijn voorbij. 2. Weest op uw hoede, en waakt nu wel, mei baart dikwijls kattenspel. 3. Voor ijsheiligen (11-14 mei) de bloemen buiten, veelal kun je daar naar fluiten, wacht af tot ze zijn voorbij, de bloemen zijn u daarvoor blij. 4. Al is Mamertus (11… Lees verder 11 mei