- Als de eikelen vallen voor Sint Michiel ( 29 sept. ), dan snijdt de winter door lijf en ziel.

2. Met Sint Michiel ( 29 sept. ) verdwijnt de hitte.

3. Sint Michiel ( 29 sept. ) brengt de winter onder zijn ziel.

4. Sint Michiel ( 29 sept. ) brengt de winter onder zijn kiel.

5. Sint Michiel ( 29 sept. ) steekt het licht aan, Maria boodschap ( 25 mrt. ) blaast het uit. ( Het wordt ’s avonds al eerder donker ).

6. Sint Michiel ( 29 sept. ), verbiedt linnen broek en hennepen kiel.

7. Sint Michiel ( 29 sept. ), verbiedt de witte broek en blauwe kiel.

8. Sint Michiel ( 29 sept. ) schuwt de strooien hoed en ook de blauwe kiel.

9. Trekt voor Michiel ( 29 sept. ) de vogel niet, geen winter ligt er in het verschiet.

10. Zonder onweer, Michielsregen ( 29 sept. ) zachte winter, goede zegen.

11. Sint Michielszomer ( 29 sept. ).

12. Valt het loof vroegtijdig van de bomen, dan is de winter niet te schromen.

13. Geeft Sint Michiel (29 sept.) geen wijn, dan geeft Sint Gal azijn.

14. Bijna elk jaar, staat er een Michiels (29 sept.) zomertje klaar.

15. Acht dagen zonneschijn, geeft Michiel (29 sept.) om wel te zijn.

16. Een regendrop op Sint Michiel (29 sept.), dat’s zachten winter die er viel, doch zyn de eikels dan niet raar, dit voorspelt sneeuw op ‘t eind van ‘t jaar.

Maar als de eikels op dat moment nog niet rijp zijn (“raar” betekent hier “rauw” of “onrijp”), dan voorspelt dit juist sneeuw aan het eind van het jaar
Het is dus een dubbele voorspelling: regen = zachte winter, tenzij de eikels nog niet rijp zijn.
Oorsprong: Behoort tot het genre van “lostage” – oude weersvoorspellingen gebaseerd op observatie van natuurverschijnselen op specifieke heiligendagen. Sint-Michiel (29 september) markeert traditioneel het begin van de herfst en was een belangrijke dag voor weersvoorspellingen.
17. Trekken de zwaluwen vóór Sint-Michiel weg, dan komt de winter vroeg.

De spreuk zegt dat wanneer de zwaluwen al vertrokken zijn (naar hun overwinteringsgebied in Afrika) vóórdat het Sint-Michielsfeest (29 september) heeft plaatsgevonden, dit een voorteken is voor een vroege en strenge winter. Zwaluwen zijn trekvogels die normaal pas in de nazomer/herfst wegtrekken; als ze ongewoon vroeg vertrekken, werd dat door boeren gezien als een teken dat de natuur “aanvoelt” dat de kou vroeg zal invallen.
Sint-Michiel als ijkpunt:
29 september (Michaelmas, het feest van de aartsengel Michaël) was in de agrarische kalender een belangrijk keerpunt:
het einde van de oogst en het begin van de voorbereiding op de winter. Daarom draaien opvallend veel weerspreuken om deze datum, bijvoorbeeld:
– “Sint-Michiel brengt de winter onder zijn kiel.”
– “Trekt voor Michiel de vogel niet, geen winter is nog in het verschiet”
— dit is eigenlijk het spiegelbeeld van deze spreuk:
blijven de vogels juist láng, dan komt de winter laat.
– “Als eikelen vallen voor Sint Michiel, dan snijdt de winter door lijf en ziel”
— hetzelfde principe, maar dan met vallende eikels als voorteken.
Je ziet dus dat deze spreuk deel uitmaakt van een hele familie van Sint-Michielsspreuken, allemaal gebaseerd op hetzelfde idee:
Vroege natuurverschijnselen (vroeg vertrekkende trekvogels, vroeg vallende eikels, vroeg verkleurend blad) rond die datum zouden een strenge, vroege winter voorspellen.
Oorsprong en auteur:
Zoals bij vrijwel alle weerspreuken is er geen aanwijsbare auteur. Het zijn overgeleverde volkswijsheden uit de agrarische samenleving, ontstaan uit generaties van observatie door boeren die geen andere weersvoorspelling hadden dan het gedrag van dieren, planten en de seizoenen. Ze werden mondeling doorgegeven en later verzameld in almanakken en boerenkalenders (vaak vanaf de 17e-19e eeuw schriftelijk vastgelegd, maar de kern is vaak veel ouder).
18. Met Sint-Michiel moet de oogst binnen zijn.

Dit gezegde herinnert boeren eraan dat de belangrijkste oogstwerkzaamheden voltooid moeten zijn tegen de feestdag van Sint-Michiel, die op 29 september valt. Het markeert de overgang van de zomer naar de herfst en de noodzaak om voorraden aan te leggen voor de winter.
Oorsprong:
De oorsprong ligt in de christelijke traditie en de landbouwkalender. Sint-Michiel, of de aartsengel Michaël, wordt geassocieerd met de herfst en het einde van het groeiseizoen. In het verleden was dit een cruciale datum voor boeren om hun gewassen binnen te halen voordat het weer slechter werd.
Auteur:
Er is ‘geen specifieke auteur bekend’ voor dit gezegde. Het is een volkswijsheid die door de eeuwen heen is doorgegeven en deel uitmaakt van de Nederlandse cultuur en landbouwtraditie.