- Zoveel nevel in maart, zoveel regen na Pasen.

Foto: eberhard grossteiger. Betekenis 🤔 📜 : Deze oude weerspreuk is een vorm van volksweerkunde. Het probeert een verband te leggen tussen de weersomstandigheden in het vroege voorjaar en de periode daarna. De voorspelling: De spreuk beweert dat er een directe relatie is tussen het aantal mistige ochtenden (nevel) in de maand maart en de hoeveelheid regen die er zal vallen in de periode direct na Pasen (meestal in april of mei). Volksgeloof: Men geloofde vroeger dat als maart mistig begon, dit een voorteken was voor een nat en regenachtig voorjaar na de paasdagen. 🚨 Belangrijke kanttekening: Hoewel dit een charmante oude wijsheid is, is er geen wetenschappelijk bewijs dat deze bewering ondersteunt. 🌱 Oorsprong: De oorsprong van deze weerspreuk ligt in de Nederlandse volkscultuur. Agrarische samenleving: Dergelijke spreuken ontstonden eeuwen geleden in agrarische gemeenschappen. Omdat boeren volledig afhankelijk waren van het weer voor hun oogst, observeerden ze patronen en probeerden ze het weer te voorspellen aan de hand van opvallende natuurverschijnselen. Mondelinge overlevering: Deze wijsheden werden van generatie op generatie doorgegeven, vaak op rijm, zodat ze makkelijker te onthouden waren. ✍️ Auteur: Er is geen specifieke auteur bekend van deze weerspreuk. Net als de meeste volksspreuken, spreekwoorden en gezegden, is het een product van collectieve volkswijsheid dat in de loop der eeuwen organisch is ontstaan. Het behoort tot de anonieme orale traditie. 2. Is op Sint Rupert (27 maart) de hemel rein, dan zal hij ’t ook in juli zijn.

Betekenis 📖 ⛅: Deze spreuk behoort tot de categorie van de voorspellende weerspreuken (ook wel kalender- of merkeldagen genoemd). De betekenis is vrij letterlijk: De conditie: Als het op de feestdag van Sint Rupert (27 maart) een heldere, onbewolkte (“reine”) hemel is…De voorspelling: …dan zal de maand juli ook gekenmerkt worden door mooi, zonnig en helder weer. Het is een vorm van volksweerkunde waarbij men geloofde dat het weer op specifieke dagen (merkeldagen) bepalend was voor een langere periode in de toekomst, vaak een heel seizoen. 🏛️ Oorsprong: De oorsprong van deze spreuk ligt in de westerse volkscultuur en landbouwtradities, waarschijnlijk ergens in de Middeleeuwen of de eeuwen daarna. De Heilige: De datum 27 maart is de feestdag van Sint Rupert van Salzburg (ook wel Rupert van Worms genoemd). Hij was een bisschop en missionaris uit de 7e/8e eeuw, bekend als de “Apostel van Beieren en Oostenrijk”. Hij is onder andere de patroonheilige van de zoutmijnwerkers. Kalenderfeesten: In die tijd vertrouwden de boeren op de katholieke heiligenkalender om de tijd van het jaar aan te duiden en zaai- of oogsttijden te bepalen. Heiligen zoals Rupert fungeerden als ankerpunten in het jaar. Geen wetenschappelijke basis: Hoewel deze spreuken vaak gebaseerd waren op langdurige, generatie-op-generatie observaties van het weer, hebben ze geen meteorologische basis. ✒️ Auteur: Er is geen specifieke auteur aan te wijzen voor deze spreuk. Volksmond: Weerspreuken zoals deze zijn ontstaan in de orale traditie (mondelinge overlevering). Ze werden bedacht door boeren, schippers en buitenmensen die afhankelijk waren van het weer. Anoniem: Ze werden door de eeuwen heen anoniem doorgegeven, aangescherpt en vaak op rijm gezet (rein / zijn) zodat ze gemakkelijker te onthouden waren. Het zijn collectieve wijsheden (of bijgeloven) van de bevolking, niet het werk van één dichter of schrijver. 3. Maart pakt ze bij de staart, april bij de bil.

Foto: Mysticsartdesign. 🔎 Betekenis: Deze spreuk is een weerwijsheid en een voorbeeld van een zogenaamde “weer- en kalenderspreuk”. Hij gaat over de overgang van de winter naar de lente en de wispelturigheid van het weer in deze periode: Maart: In maart begint de lente, maar de winter kan nog flink van zich laten horen. Het weer kan grillig zijn, met nog koude dagen, nachtvorst en zelfs sneeuw. De spreuk zegt eigenlijk dat maart nog een laatste “staartje” van de winter met zich meebrengt, een herinnering aan de koude die we achter ons laten. Het pakken van de winter “bij de staart” symboliseert het vasthouden aan de kou. April: April staat bekend om zijn wispelturige weer (“April doet wat hij wil”). Het kan zonnig en warm zijn, maar ook koud, regenachtig en zelfs hagelen of sneeuwen. De spreuk zegt dat april de winter “bij de bil” pakt. Dit is een meer speelse en minder serieuze uitdrukking dan “bij de staart”. Het suggereert dat april nog wel eens een koude dag kan hebben, maar dat de echte winter voorbij is. Het pakken “bij de bil” is een beetje als een spottende plaag, een herinnering dat de lente nog niet helemaal gearriveerd is. Kortom, de spreuk relativeert de kou in april: het is misschien nog even fris, maar de ergste winterkou (het “pakken bij de staart” in maart) hebben we gehad. Het is een volkswijsheid die ons herinnert aan de overgangsperiode en ons voorbereidt op de onvoorspelbaarheid van het weer. 🕰️ Oorsprong: De precieze oorsprong van deze spreuk is moeilijk te achterhalen. Weer- en kalenderspreuken zijn vaak eeuwenoud en zijn ontstaan in de volksmond. Ze werden mondeling doorgegeven en pasten zich in de loop der tijd aan. Deze specifieke spreuk is waarschijnlijk al generaties lang in gebruik in Nederland en Vlaanderen. Het is een vorm van volkswijsheid die gebaseerd is op observatie van het weer en de seizoenen. Boeren en buitenmensen waren vroeger sterk afhankelijk van het weer en ontwikkelden deze spreuken om patronen te herkennen en te voorspellen. De spreuk is een goed voorbeeld van de Nederlandse neiging om met humor en relativering om te gaan met het weer. Het pakken “bij de bil” is een speelse en een beetje ondeugende uitdrukking die de ernst van de kou relativeert. ✍️ Auteur: Er is geen bekende auteur van deze spreuk. Zoals de meeste weer- en kalenderspreuken is hij ontstaan uit de volksmond. Het is een collectieve creatie van mensen die door de eeuwen heen het weer observeerden en deze wijsheid in een pakkende zin probeerden te vatten. 🤓 Deze spreuken maken deel uit van ons cultureel erfgoed en laten zien hoe mensen vroeger (en nu nog steeds) probeerden het weer te begrijpen en te voorspellen. Ze zijn vaak rijmend en ritmisch, waardoor ze makkelijk te onthouden zijn. 4. Is het op Sint Rupert (27 maart) helder en rein, zo zal het in de zomer zijn.

Foto: Marta Wave. Betekenis 🤔: Simpel gezegd: Als de lucht op de dag van Sint Rupert (27 maart) helder en schoon is, zal de zomer die volgt ook helder en mooi zijn. Weersomstandigheden: Het weer op 27 maart is een goede indicator voor het weer in de daaropvolgende zomer. Geen wetenschappelijke basis: Zoals de meeste weerspreuken, heeft deze geen wetenschappelijke basis. Het is eerder een kwestie van ervaring en overlevering. Oorsprong 👴: Volksgeloof: De weerspreuk is ontstaan uit het volksgeloof dat bepaalde dagen en gebeurtenissen het weer konden voorspellen. Sint Rupert: Sint Rupert was een heilige die bekend stond om zijn vroomheid en zijn vermogen om wonderen te verrichten. Zijn feestdag (27 maart) werd geassocieerd met de komst van de lente en het einde van de winter. Oud-Nederlands: De weerspreuk is in het Oud-Nederlands geschreven en stamt uit de tijd dat de taal nog veel sterker werd beïnvloed door het Duits. Auteur: Onbekend: De auteur van deze weerspreuk is onbekend. Het is waarschijnlijk een kwestie van mondelinge overlevering die door de eeuwen heen is doorgegeven. Maandspreuken maart:
5. Narcissen die komen voordat de zwaluw durft, en de winden van maart met schoonheid ontvangen.

6. Boven uit de zee waait de wilde noordenwind onder de grijze boog van de hemel; Glimlachend kijk ik naar de bewegende iepetakken wetend dat het de wind van maart is.

7. De stormachtige maand maart is eindelijk aangebroken, met wind en wolken en veranderende luchten. Ik hoor het ruisen van de rukwind die door de besneeuwde vallei raast.

March
> The stormy March is come at last,
> With wind, and cloud, and changing skies;
> I hear the rushing of the blast,
> That through the snowy valley flies.
> Ah, passing few are they who speak,
> Wild stormy month! in praise of thee;
> Yet, though thy winds are loud and bleak,
> Thou art a welcome month to me.
Analyse van de Parafrase🕵️♂️: De geciteerde tekst is een heel nauwkeurige en goed lopende Nederlandse parafrase van de eerste vier regels van Bryant’s gedicht. De parafrase behoudt de sfeer en de belangrijkste beelden van het origineel. Conclusie: De geciteerde tekst is een prachtige en treffende Nederlandse verwoording van de beginregels van William Cullen Bryant’s gedicht “March”. Hoewel het geen direct citaat is, is het een eerbetoon aan de oorspronkelijke tekst en de dichter.
8. Maart is zo’n wispelturige maand. Het is de naad tussen winter en lente, hoewel de naad een gelijkmatige zoom suggereert, en maart meer lijkt op een ruwe lijn van steken die zijn genaaid door een onvaste hand, wild heen en weer zwaaiend tussen januari-vlagen en juni-groen. Je weet niet wat je zult aantreffen, totdat je naar buiten stapt.
