26 januari

  1. Geeft januari sneeuw en vorst, vaak de boeren veel granen dorst.
Foto: Gloria Cretu. Betekenis 🧠❄️🌾:  De spreuk zegt: als januari koud is met sneeuw en vorst, volgt er vaak een droogteperiode later in het seizoen, waardoor de graangewassen “dorst” lijden. Kernidee: Een hard, droog winterweer (hogedruk/continentale kou) zou een voorteken zijn van een droger voorjaar of zomer en dus een mindere graanoogst. Toelichting: 🌦️:  Volksmeteorologie:  Dit is een weerspreuk (boerenwijsheid) die weerspatronen samenvat in een rijm, bedoeld om makkelijk te onthouden. Taalnoot: “dorst” slaat hier beeldend op droogte voor het graan; “granen” = de graangewassen (tarwe, gerst, rogge). Oorsprong 📜:  Afkomst uit de Nederlandstalige volkscultuur (Lage Landen), als onderdeel van traditionele weerspreuken die in almanakken en kalenders circuleerden. Datering: Niet precies te herleiden; vergelijkbare rijmende weersregels zijn vooral bekend uit de 18e–20e eeuw en werden door almanakken en spreekwoordenverzamelingen doorgegeven. Auteur ✍️:  Geen individuele auteur bekend. Het betreft een anonieme volkswijsheid (weerspreuk), overgeleverd via mondelinge traditie en almanakken. Varianten 🔁:  Er circuleren meerdere, sterk gelijkende versies met dezelfde strekking, bijvoorbeeld met kleine verschillen in woordvolgorde of met “het graan” i.p.v. “veel granen”. Zulke varianten zijn typisch voor weerspreuken en kunnen per streek licht verschillen. Betrouwbaarheid (modern inzicht) 🔬: Wetenschappelijk bewijs is zwak: losse januarimaanden zeggen weinig over de neerslagsituatie maanden later. Soms kan een langere periode met hogedruk in de winter samengaan met aanhoudend blokkerend weer en later ook droogte, maar dit is geen regel. Zie het als cultuurhistorische wijsheid, niet als harde voorspelling. Verwant/Context 🌍:  Past in de bredere traditie van rijmende agrarische weersregels die zaaien, oogsten en weerpatronen aan elkaar koppelen. Vergelijkbare spreuken bestaan in het Duits en Engels, maar met eigen regionale accenten.

2. In de Louwmaand mist, dan de Lentemaand fris.

Foto: Amicone. 📜 Betekenis: “In de Louwmaand mist, dan de Lentemaand fris” betekent: als het in januari vaak mistig is, dan wordt maart (de lentemaand) eerder koel/fris. Het is een weerspreuk: een volkswijsheid die een verband legt tussen het weer in januari en dat in maart. 🌫️→❄️/🌬️ 🔍 Uitleg van de termen: Louwmaand = de oude Nederlandse naam voor januari. Lentemaand = de oude Nederlandse naam voor maart. 🌱🪧 Oorsprong: Afkomst: Lage Landen (Nederland/Vlaanderen), uit de traditie van weerspreuken en boerenalmanakken. Datering: Volksmond/folklore, geen exacte eerste bron bekend; in omloop sinds minstens de 19e eeuw (en vermoedelijk ouder). Context: Landbouwers gebruikten zulke spreuken om te voorspellen hoe het groeiseizoen zou verlopen. 🧑‍🌾 ✍️ Auteur: Geen specifieke auteur; het is een anonieme, overgeleverde spreuk (traditioneel/collectief). 🧪 Betrouwbaarheid: Weerspreuken zijn observatie-gebaseerde vuistregels. Ze kunnen lokaal soms kloppen, maar hebben geen vaste wetenschappelijke geldigheid. Gebruik ze als culturele wijsheid, niet als weerbericht. 📉

3. Sneeuw op slik, geeft binnen drie dagen ijs, dun of dik.

Foto: Katy Anne. Betekenis ❄️:  Weerspreuk: als er sneeuw valt op modder/slik (nog niet-bevroren, natte grond), volgt binnen drie dagen vorst met ijsvorming — of het ijs nu dun of dik is. Kernboodschap: Sneeuwval op zachte, drassige bodem is een voorteken van een (korte) koude-inval. Oorsprong 🌍:  Herkomst: Nederlandse/Vlaamse volkswijsheid, vooral geassocieerd met kust- en poldergebieden waar “slik” (modder, slikken/kwelders) een bekend begrip is. Overlevering: Mondelinge traditie; sinds de 19e–20e eeuw terug te vinden in verzamelingen van Nederlandse weerspreuken en dialectbundels. Context: Boeren, vissers en buitenlui gebruikten zulke spreuken als praktische “weerkalender”.  Auteur ✍️:  Geen individuele auteur; dit is een anonieme, traditionele weerspreuk (volksproverb). Duiding en aannemelijkheid 🔍: Mogelijke verklaring: een sneeuwsituatie gaat vaak samen met instroom van koudere lucht; na de sneeuw kan het opklaren en snel afkoelen, waardoor plassen/ondiep water bevriezen. Kanttekening: Niet altijd waar. Sneeuw kan ook bij marginale temperaturen vallen of gevolgd worden door dooi. Het is dus een vuistregel, geen harde voorspelling.

Door Pieter

Mensenmens, zoon, echtgenoot, vader, opa. Spiritueel, echter niet religieus. Ik hou van golf, wandelen, lezen en de natuur in veel opzichten. Onderzoeker, nieuwsgierig, geen fan van de mainstream media (MSM).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *