22 januari

  1. Als Agnes (21 januari) en Vincentius (22 januari) komen, begint men van het winterweer te dromen.
Foto: Jovan Vasiljevic. Betekenis: Inhoud: De spreuk suggereert dat als Agnes (Sint Agnes) en Vincentius (Sint Vincentius) in januari komen, mensen gaan dromen over winterweer. Dit wijst op de verwachting dat het koude winterseizoen aanhoudt of dat er nog winterse omstandigheden te verwachten zijn. Interpretatie: Deze spreuk wordt vaak gebruikt om aan te geven dat de periode rond deze data nog steeds onder invloed van de winter kan zijn, ondanks dat het nieuwe jaar al begonnen is. Oorsprong van de Weerspreuk: Traditionele Weerspreuken: Deze spreuk is een voorbeeld van de vele weerspreuken die in de volksmond circuleren. Ze zijn vaak gebaseerd op observaties van de natuur en seizoensgebonden veranderingen. Religieuze Context: De namen Agnes en Vincentius verwijzen naar heiligen die op deze data worden herdacht. Dit geeft de spreuk ook een religieuze context, waarbij de dagen van de heiligen worden verbonden met de weersomstandigheden. Auteur van de Weerspreuk: Anonieme Oorsprong: Het is moeilijk om een specifieke auteur van deze spreuk aan te wijzen, aangezien het een traditioneel volksgezegde is dat door de tijd heen is doorgegeven. Veel van dergelijke spreuken zijn ontstaan uit de collectieve kennis en ervaring van generaties.

2. Is er op Sint Vincentius (22 januari) zonneschijn, zo zal er in de schuren koren zijn.

Foto: Caroline Hernandez. Betekenis: Inhoud: De spreuk suggereert dat als het op 22 januari (de feestdag van Sint Vincentius) zonnig is, dit een goed teken is voor de oogst. Het impliceert dat er een overvloed aan graan zal zijn in de schuren. Interpretatie: Zonneschijn: Wordt gezien als een positief teken voor de landbouw. Koren in de schuren: Symboliseert een rijke oogst en voedselzekerheid. Oorsprong: Traditie: Deze weerspreuk is afkomstig uit de folkloristische traditie en weerspiegelt de agrarische levensstijl van vroeger, waarbij het weer cruciaal was voor de oogst. Cultuur:  Het gebruik van weer als indicator voor toekomstige oogsten is een veelvoorkomend thema in verschillende culturen en weerspreuken. Auteur:   Anoniem: De spreuk is een traditioneel volkswijsheid en heeft geen specifieke auteur. Het is door de jaren heen doorgegeven in de volksmond. Extra Informatie: Sint Vincentius: Datum: 22 januari. Heilige: Sint Vincentius is een christelijke heilige die vaak geassocieerd wordt met wijnbouw en landbouw. Conclusie: Deze weerspreuk is een mooi voorbeeld van hoe mensen in het verleden hun leven en werkzaamheden afstemden op de natuur en de seizoenen. Het benadrukt de verbondenheid tussen religie, natuur en de agrarische samenleving. 🌾☀️

3. Geeft St. Vincentius (22 januari) zonneschijn, dan is er hoop op koren en wijn.

Foto: Adele – Payman. Betekenis: St. Vincentius: Deze spreuk verwijst naar de feestdag van St. Vincentius, die op 22 januari wordt gevierd. Zonneschijn: De spreuk suggereert dat wanneer het op deze dag zonnig is, dit een goede indicatie is voor de oogst van koren en wijn in het komende jaar. Hoop op oogst: Een zonnige St. Vincentius betekent dus dat er optimisme is voor een rijke oogst, wat belangrijk was voor agrarische gemeenschappen. Oorsprong: Agrarische traditie: Deze weerspreuk is ontstaan uit de agrarische tradities van Europa, waar het weer een cruciale rol speelde in de landbouw en de oogst. Seizoensgebonden:  Het weerspatroon rond deze tijd van het jaar (winter naar voorjaar) kan invloed hebben op de groei van gewassen. Volkswijsheid:  Het is een voorbeeld van volkswijsheid die van generatie op generatie is doorgegeven. Auteur:  Anonieme oorsprong: Zoals veel weerspreuken, is de auteur onbekend en maakt het deel uit van de collectieve volkscultuur. Culturele verspreiding: Deze spreuk is in de loop der jaren door verschillende gemeenschappen in Nederland en Vlaanderen verspreid en aangepast. Samenvatting: Deze weerspreuk benadrukt het belang van het weer op de feestdag van St. Vincentius voor de landbouw, met een positieve boodschap over de oogst. Het is een reflectie van de eeuwenoude connectie tussen religie, natuur en agrarische levenswijze. 🌾🍇☀️

4. Sint-Vincentius (22 januari) met zonneschijn, geeft veel koren en ook veel wijn.

Foto: Chelsea Pridham. Betekenis: De spreuk verwijst naar het weer en de oogstverwachtingen die op de feestdag van Sint-Vincentius geassocieerd worden. Zonneschijn: Dit duidt op een gunstig weerpatroon dat belangrijk is voor de groei van gewassen. Koren en wijn: Deze elementen zijn essentieel in de landbouw en de wijnproductie, en de spreuk suggereert dat goed weer op deze dag leidt tot een overvloedige oogst. Oorsprong:  Sint-Vincentius: De feestdag van Sint-Vincentius wordt op 22 januari gevierd en is gewijd aan de heilige Vincentius van Saragossa, een martyr uit de 3e eeuw. Agrarische Traditie:  De spreuk is waarschijnlijk ontstaan uit agrarische tradities en weersvoorspellingen die in het verleden belangrijk waren voor boeren om hun oogst te plannen. Auteur: De precieze auteur van deze spreuk is onbekend. Het is een volkswijsheid die door de jaren heen mondeling is doorgegeven en vaak in verschillende variaties voorkomt in verschillende regio’s. Conclusie: Deze spreuk weerspiegelt de verbondenheid van mensen met de natuur en de afhankelijkheid van weerpatronen voor de landbouw. Het benadrukt ook de culturele en religieuze betekenis van feestdagen in agrarische samenlevingen. 🌾🍷

5. Vorst met afgaande maan, houdt bijna zeker aan.

Foto: zeelandnet.nl.  Betekenis: Vorst: Dit verwijst naar koude temperaturen waarbij water bevriest. Afgaande maan: Dit betekent dat de maan in een cyclus is waarbij de zichtbare schijf van de maan kleiner wordt, van vol naar nieuw. Interpretatie: De spreuk suggereert dat wanneer er vorst optreedt tijdens de periode van een afnemende maan, deze vorst waarschijnlijk aanhoudt. Het idee is dat het weer een patroon volgt dat beïnvloed kan worden door de maanfasen. Oorsprong: Deze weerspreuk is afkomstig uit de traditionele volksmeteorologie. Het idee dat de maan invloed heeft op het weer is wijdverspreid in verschillende culturen en weerspreuken, en is vaak gebaseerd op eeuwenlange observaties. Auteur: Het is moeilijk om een specifieke auteur toe te schrijven aan deze spreuk, aangezien het gaat om een volkswijsheid die door de tijd heen is doorgegeven en niet aan een enkele persoon kan worden gekoppeld. Extra Informatie: Maanfasen: De maan doorloopt verschillende fasen, en in de volksmeteorologie wordt vaak verondersteld dat deze fasen invloed hebben op het weer en de natuur. Traditionele weerwijsheden: Deze spreuken zijn vaak gebaseerd op observaties van lokale weerpatronen en ervaringen van generaties.

6. Komt de wind uit het Noorderland, lang houdt de winter dan stand.

Foto: Billy Pasco. Betekenis: Algemene Interpretatie: Deze spreuk duidt op het feit dat wanneer de wind uit het Noorden waait, de winterse kou langer aanhoudt. Weerpatronen: De Noordenwind staat vaak in verband met koude luchtmassa’s die vanuit het poolgebied komen, wat resulteert in lagere temperaturen en winterse omstandigheden. Oorsprong: Culturele Context: Deze spreuk is een voorbeeld van volkswijsheid en weersvoorspelling die door de jaren heen is doorgegeven in de Nederlandse cultuur. Traditionele Weersvoorspelling: Weerspreuken zoals deze zijn vaak ontstaan uit observaties van het weer en de seizoenen door boeren en vissers. Auteur: Anonieme Oorsprong: De spreuk heeft geen specifieke auteur en is een onderdeel van de Nederlandse folklore. Het is een collectief erfgoed dat door generaties is doorgegeven. Extra Informatie: Toepassing: Mensen gebruiken deze spreuk vaak om het weer te voorspellen of om te verwijzen naar de invloed van windrichtingen op het klimaat. Deze spreuk is een mooi voorbeeld van hoe natuurwaarnemingen zijn omgezet in eenvoudige en begrijpelijke uitspraken die nog steeds relevant zijn.🌬️❄️🧣

7. Januari rouw en hard, is voor het jaar een goede start.

Afbeelding: Peter van Geest AI. Betekenis 🌬️❄️: De spreuk zegt dat een strenge, gure (rauwe) januari gunstig is voor de rest van het jaar. Achterliggende gedachte (agrarisch): Koude doodt plagen en ziektekiemen (minder insecten en schimmels in het groeiseizoen). Winterkou “vernaliseert” sommige gewassen (koudeperiode bevordert latere bloei/groei). Houdt voedselvoorraden beter houdbaar en voorkomt rotting. Kort: een harde winterstart zou de natuur “schoon” en in balans het nieuwe seizoen in laten gaan. 🌱 Oorsprong en context 🕰️: Komt uit de traditie van Nederlandse/Vlaamse weerspreuken en boerenwijsheden (vanaf de vroegmoderne tijd, wijdverbreid in 17e–19e-eeuwse almanakken en kalenders). Geen vaste eerste bron; het leeft als mondelinge en regionaal gevarieerde uitdrukking. Past in een groter patroon van spreekwoorden die koude winters koppelen aan een vruchtbaar jaar.
Auteur 👤: Geen individuele auteur; dit is volkswijsheid/collectieve traditie. Taalnoot 🔤: Vaak aangetroffen als “rauw en hard” (rauw = guur, hard = streng). De variant “rouw en hard” komt ook voor, maar wordt meestal gezien als een verbastering/variant; betekenis blijft in de praktijk hetzelfde: “gure, strenge” januari.

8. Als januari is te warm, wordt de oogst waarschijnlijk arm.

Afbeelding: Peter van Geest AI. Betekenis 🧠:  Kern:  Een ongewoon zachte (warme) januarimaand voorspelt een tegenvallende oogst later in het jaar. Achterliggende gedachte (traditionele landbouwlogica): Minder winterkou = meer overleving van plagen en schimmels, waardoor gewassen later meer last hebben. Gebrek aan kou voor sommige wintergranen (vernalizatie) kan de ontwikkeling en opbrengst schaden. Zachte, natte winters verhogen risico op waterverzadiging en schimmelziekten in akkers. Vroege uitloop door zachtheid kan extra schade oplopen bij latere voorjaarsvorst. Oorsprong 📜:  Volkswijsheid/boerenwijsheid uit de Lage Landen; mondeling overgeleverd en later in almanakken en weerspreukenverzamelingen terechtgekomen. Geen exacte datering bekend; vergelijkbare spreuken komen al eeuwenlang in Europa voor. Er bestaan parallellen in omringende talen (bijv. Duits en Engels) die hetzelfde verband leggen tussen een zachte januarimaand en latere tegenslag in groeiseizoen of meiweer. Auteur ✍️:   Geen individuele auteur; de spreuk is anoniem en collectief gegroeid uit agrarische ervaring en observatie.

9. Geeft januari veel water in het vat, de ganzen eten zich hier vet en zat.

Afbeelding: Peter van Geest AI. Betekenis:🧠🪿🌧️:  Letterlijk: Als januari erg nat is (de regenton/het vat staat vol), dan vinden ganzen veel voedsel en worden ze vet en verzadigd. Figuurlijk:  Een zachte, natte winter schept gunstige omstandigheden voor (water)pluimvee en vee, vooral ganzen, doordat natte weiden en plas-drasgebied veel voedsel opleveren. Uitleg in context 🌿: Nat en zacht winterweer betekent:  Minder vorst → gras blijft (beperkt) doorgroeien. Plas-dras en hoge waterstand → meer waterplanten, zaden en knollen bereikbaar voor ganzen. Boerenobservatie: in zulke winters konden boerderijen hun ganzen makkelijker voeden en vetmesten voor vlees en veren. Oorsprong / herkomst 📜:   Landen (Nederland en Vlaanderen), als onderdeel van volksweerkunde en agrarische spreukencultuur.
Waarschijnlijk 18e–19e-eeuwse mondelinge traditie; later opgetekend in 19e- en 20e-eeuwse verzamelingen van spreekwoorden en weerspreuken. Variantie in dialect en formulering komt veel voor in Vlaamse en Nederlandse streektaal. Auteur ✍️:   Geen individuele auteur: dit is een anonieme volkswijsheid. Bekend uit spreekwoordenverzamelingen (opgetekend door verzamelaars, niet “geschreven” door hen). Het is een ervaringsregel, geen harde voorspelling. Reflecteert een plausibel verband: natte, zachte winters (westcirculatie) creëren betere foerageeromstandigheden voor ganzen.

10. Als het in januari dondert over de bouw, komt er later grote kou.

Afbeelding: Peter van Geest AI.  Betekenis 🌩️❄️:  Kern: De spreuk zegt dat als het in januari dondert, er later in de winter nog een periode met strenge kou te verwachten is. Praktisch: Het is een voorspelling op seizoensschaal, niet voor de dag erna; “later” slaat meestal op de rest van januari of februari. Woordverklaring 📚: “over de bouw”: “bouw” = akkerland/akkerbouw (oud-Nederlands/Vlaams). Het gaat dus om donder boven de velden, niet “bouw” als in gebouwen/constructie. Oorsprong en context 🕰️:   Herkomst: Traditionele agrarische weerspreuk uit de Lage Landen, waarschijnlijk verspreid via boerenalmanakken en mondelinge overlevering. Datering:  In druk terug te vinden in 19e–20e-eeuwse verzamelingen van spreekwoorden en weerswijsheden. Context:  Winterdonder is zeldzaam in de Benelux. Wanneer het voorkomt, wijst het vaak op een zeer actieve storing; dat werd in de volksmeteorologie geassocieerd met “weer om te slaan” en nog te verhevigen koudetrappen. Auteurschap ✍️:  Auteur:  Anoniem (volkswijsheid). Geen individuele auteur; de spreuk is onderdeel van collectieve mondelinge traditie en later door lexicografen/verzamelaars opgetekend. Meteorologische duiding (betrouwbaarheid) 🧪: Fysica: Winterdonder in onze streken ontstaat bij zeer dynamische fronten (soms met onstabiele maritieme lucht), wat lokaal extremere weersituaties markeert. Conclusie: Mooi cultureel erfgoed, beperkte wetenschappelijke voorspelkracht.

 

 

 

 

Door Pieter

Mensenmens, zoon, echtgenoot, vader, opa. Spiritueel, echter niet religieus. Ik hou van golf, wandelen, lezen en de natuur in veel opzichten. Onderzoeker, nieuwsgierig, geen fan van de mainstream media (MSM).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *